Op 19 maart had de minister van Justitie een toespraak voor de Verzekeringskring in Gent moeten afzeggen, maar Koen Geens hield woord en heeft dat dan ook gedaan op 8 mei, ondanks een hectische agenda. Het toeval wil dat net op die dag het Staatsblad zijn wetsontwerp heeft gepubliceerd voor een fiscaal aftrekbare rechtsbijstandsverzekering (De Wet van 29 april 2019 tot het toegankelijk maken van de rechtsbijstandsverzekering; de tekst vervangt het koninklijk besluit van 15 januari 2007). “Goede dingen hebben tijd nodig” merkte voorzitter Bart Walraet op, maar 3,5 jaar zal toch wel lang geweest zijn voor deze minister van Justitie die enorm veel vaart zet in zijn hervormingen.

Koen Geens herinnert zich goed in welke omstandigheden hij de uitbreiding van de rechtsbijstandsverzekering in gang heeft gestoken. Zijn voorganger Laurette Onkelinx vroeg hem toen: “Hoe gaat u dat toen?”. Vandaag geeft de minister van Justitie grif toe dat hij de moeilijkheden had onderschat maar hij bleef wel met die ene, diepe overtuiging dat het recht onderbenut is. Hij blijft het vreemd vinden dat niemand nadenkt om een arts te raadplegen, maar een advocaat, hola!

Koen Geens heeft door de onderhandelingen met de verzekeringssector en de balies de actuariële realiteit leren ontdekken en de terughoudendheid van advocaten voor een “nomenclatuur” zoals die in de geneeskunde al tientallen jaren vastligt. Hij heeft dan ook gewezen op het bereikte compromis: advocaten die niet werken met een conventioneel ereloon en die vrij gekozen worden in een rechtsbijstandsdossier kunnen alsnog voor dat ene dossier werken volgens het conventioneel ereloon.

De pas gepubliceerde wet treedt in werking op 1 september. Wie een rechtsbijstandsverzekering afsluit die beantwoordt aan de minimumvoorwaarden voor een belastingvoordeel op de premie, zal dat nog kunnen toepassen voor het aanslagjaar 2019. Koen Geens merkte hierbij op dat de bestaande 27.000 polissen volgens het stelsel Onkelinx daar ook nog kunnen onder vallen. In het systeem-Onkelinx viel de premie-taks weg, in dat van Geens gaat het om een vermindering in de personenbelasting van 40 % op de premie met een maximum van 310 euro. De betrokken rechtsbijstandsverzekeraars zullen daarvoor een attest leveren, waarvan de modaliteiten via de minister van Financiën in augustus zouden worden vastgelegd.

Koen Geens overliep een aantal kenmerken van de fiscaal aftrekbare rechtbijstandsverzekering. Het gaat enkel om individuele contracten en voor alle geschillen voor Belgische rechtbanken en die van de buurlanden (Frankrijk, Nederland, Duitsland en Luxemburg, met uitzondering van fiscale geschillen). De wet bepaalt ook hoe breed de dekking moet zijn. De minister herinnert zich dat er “een aardig woordje” is gevallen over bouwgeschillen en arbeidswetgeving en de wachttijden die ermee gepaard gaan bij het afsluiten van een rechtsbijstandsverzekering. Het maximumplafond van 13.000 euro (13.500 euro in strafzaken), is ook lager gesteld voor bouwgeschillen en een echtscheiding. De minister wees er nog op dat verzekeraars vrij blijven om verder te gaan dan de wettelijke minimumvoorwaarden, maar ook om af te wijken van een overeengekomen ereloon indien zoiets in een welbepaald dossier een oplossing kan brengen.

Na enkele bedenkingen over de geleidelijke digitalisering van Justitie, sprak minister Geens zijn bijzondere erkentelijkheid uit voor Assuralia voor de goede samenwerking tijdens de lange voorbereiding, en prees hij zijn kabinetsmedewerkster Nele Staessens die dit dossier vanaf het begin heeft opgevolgd.